“Micus verdient een ereplaats in de canon van hedendaagse componisten, een lauwerkrans voor zijn onderzoeksdrift en een diepe buiging voor zijn doe-het-zelverschap. En zijn muziek moet in iedere afdeling – klassiek, werelds én New Age – te vinden zijn.”
– Het Parool
De muziek van Stephan Micus is geïnspireerd door alle windstreken en kenmerkt zich door wonderlijke combinaties van instrumenten. Hij componeert, maakt zijn eigen opnames en bespeelt zo’n vijftig blaas-, tokkel-, strijk- en slaginstrumenten, variërend van de Japanse shakuhachi (bamboefluit) en de Ethiopische bagana (harp) tot de Indiase dilruba (strijkinstrument) en de Ierse bodhran (trommel).
Micus groeide op in Stuttgart. Als puber speelde hij in rockbandjes en richtte hij zich op een toekomst als beeldend kunstenaar. Op zijn zestiende vertrok hij naar Marokko om zijn horizon te verbreden. Sindsdien was zijn interesse in vreemde culturen gewekt. In Spanje nam hij lessen in flamencogitaar en enkele jaren later reisde hij af naar India, waar hij sitar- en sarangi leerde spelen.
Eenmaal terug experimenteerde hij eindeloos met speeltechnieken en instrumentencombinaties. Zijn kluizenaarachtige leef- en werkwijze stelde hem in staat een geheel eigen geluid te ontwikkelen, wars van welke modegril dan ook.
Op zijn laatste album, het instrumentale On the Wing uit 2006, valt een dromerige, adembenemende tiendelige suite te beluisteren.
“Micus verdient een ereplaats in de canon van hedendaagse componisten, een lauwerkrans voor zijn onderzoeksdrift en een diepe buiging voor zijn doe-het-zelverschap. En zijn muziek moet in iedere afdeling – klassiek, werelds én New Age – te vinden zijn.”
– Het Parool
De muziek van Stephan Micus is geïnspireerd door alle windstreken en kenmerkt zich door wonderlijke combinaties van instrumenten. Hij componeert, maakt zijn eigen opnames en bespeelt zo’n vijftig blaas-, tokkel-, strijk- en slaginstrumenten, variërend van de Japanse shakuhachi (bamboefluit) en de Ethiopische bagana (harp) tot de Indiase dilruba (strijkinstrument) en de Ierse bodhran (trommel).
Micus groeide op in Stuttgart. Als puber speelde hij in rockbandjes en richtte hij zich op een toekomst als beeldend kunstenaar. Op zijn zestiende vertrok hij naar Marokko om zijn horizon te verbreden. Sindsdien was zijn interesse in vreemde culturen gewekt. In Spanje nam hij lessen in flamencogitaar en enkele jaren later reisde hij af naar India, waar hij sitar- en sarangi leerde spelen.
Eenmaal terug experimenteerde hij eindeloos met speeltechnieken en instrumentencombinaties. Zijn kluizenaarachtige leef- en werkwijze stelde hem in staat een geheel eigen geluid te ontwikkelen, wars van welke modegril dan ook.
Op zijn laatste album, het instrumentale On the Wing uit 2006, valt een dromerige, adembenemende tiendelige suite te beluisteren.